Je investeert als ondernemer jarenlang in de reputatie van je bedrijf. Je vertelt klanten waar je voor staat, bouwt vertrouwen op en probeert medewerkers mee te nemen in de normen en waarden van de organisatie. En dan plaatst een medewerker ’s avonds op LinkedIn een snoeiharde reactie over Gaza, het Eurovisiesongfestival, de politiek of LHBTI. Niet namens jouw bedrijf, maar wél onder een profiel waarop duidelijk staat waar hij of zij werkt.
Wat doe je dan?
Tja…. elke ondernemer in het MKB heeft zich dit ongetwijfeld wel eens afgevraagd.
Medewerkers hebben uiteraard recht op een eigen mening. De vrijheid van meningsuiting geldt ook online, al is die vrijheid (toch) niet onbeperkt. Tegelijkertijd kent het arbeidsrecht het principe van goed werknemerschap. In extreme gevallen kunnen onacceptabele uitlatingen op sociale media zelfs arbeidsrechtelijke gevolgen hebben. Echter, in de basis geldt wel het volgende: werknemers mogen hun eigen mening op de socials ventileren. Daar zijn bijna geen (juridische) beperkingen op.
Maar… beredeneerd vanuit het perspectief van communicatie en marketing valt er toch wel iets over te zeggen of te doen. In het kader van: ‘Voorkomen is beter dan genezen’.

Maak geen meningenbeleid, maak gedragsafspraken
Vertel medewerkers nooit wat ze van politieke of maatschappelijke onderwerpen moeten vinden. Dat leidt al snel tot weerstand en past bovendien slecht bij een organisatie waarin mensen zichzelf mogen zijn.
Maak wél duidelijk wat je verwacht van de manier waarop medewerkers zich online gedragen wanneer hun werkgever zichtbaar aan hun profiel is gekoppeld.
Drie praktische uitgangspunten helpen daarbij:
- Maak duidelijk aan de werknemer dat helder moet zijn wanneer hij of zij privé spreekt en wanneer namens het bedrijf;
- Discussiëren mag, maar vermijd beledigingen, discriminatie, bedreigingen en persoonlijke aanvallen. En heel belangrijk hierbij: definieer wat beledigingen zijn. Omschrijf wat jij – als werkgever – discriminatie vindt. En geef voorbeelden van wat je als een ‘persoonlijke aanval’ beschouwt. Maak het in de afspraken met je werknemer dus ook heel concreet.
- Heb het met de medewerkers ook over het volgende: realiseer je dat een publieke discussie kan afstralen op collega’s en werkgever, ook wanneer je die discussie in privétijd voert.
En misschien nog belangrijker: bespreek dit alles voordat er iets misgaat.
Neem sociale media daarom op in je interne communicatie of gedragscode en leg vooral uit waarom die afspraken bestaan. Niet omdat iedereen dezelfde mening moet hebben. Juist niet. Een medewerker heeft online namelijk soms twee rollen tegelijk: die van privépersoon én die van herkenbare medewerker van jouw organisatie.
Mijn advies aan MKB-ondernemers is daarom simpel: probeer niet de mening van medewerkers over allerlei wereldse zaken te managen.
Manage vooral het bewustzijn over de gevolgen van de manier waarop die mening openbaar wordt geuit. Dat beschermt de medewerker én de reputatie van je bedrijf.
En… dit is uiteindelijk ook in het belang van de medewerker!
Een keertje sparren hierover?



